Podium


Column Joost Nijsen


GERECHTIGHEID


Joost Nijsen 10-12-2009

Dingen gaan goed, of dingen gaan moeizaam. Die regel schiet me zomaar te binnen, op tijd nog voor de feestdagen. Zo eenvoudig is nu het leven: het zit mee, of het zit tegen. Ik ga nog een stap verder en zal het u bewijzen.
Dit jaar was het jaar van de crisis. Ook in boekenland. Consumenten gingen voor aanschaf van nieuwe boeken eerst de stapel uitlezen die al sinds vorig jaar Sinterklaas naast het bed wiebelde. Boekverkopers werden behoedzaam bij de inkoop, zodat uitgevers op hun beurt voorzichtig werden met nieuwe investeringen, enkele vacatures bevroren, et cetera. Voor het eerst in jaren bereidde ook Podium zich voor op een winstarm tot winstloos jaar. Op zichzelf heel gezond dat weer eens te voelen: het kan niet altijd mee zitten, want soms zit het tegen.
Toen kwam Sinterklaas in zicht en leken alle lezers naar de boekwinkel te stormen. Ineens regende het nabestellingen. Vast en zeker niet alleen bij ons! Hoewel een marktdeskundige van GfK ons laatst wel al kwam toelichten dat onze omzet doorgaans matig is in de zomer (we doen hier geen lekkere detectives), maar uitbundig in de feestdagenperiode. Dezer weken zijn het de boeken van Kluun die vanwege het filmsucces de winkel uitvliegen, maar ook het geestige weetjesboek Maak nooit je bed op (vier drukken in vier weken!), Kleis nieuwe Superwijngids, de fiets-seller van Wilfried de Jong (De man en zijn fiets), de sinds de Anna Bijns Prijs weder opgeleefde bundel Koerikoeloem van Tjitske Jansen, en de upcoming seller van Jet Berkhout: De thuishulp.
Maar niet elk najaarsboek kreeg nog de aandacht die het in onze ogen verdient. Je kunt dan zeggen: niet zeuren, tel je zegeningen. Maar zo werkt het niet, je slingert een boek niet met man en macht de wereld in om onverschillig opzij te kijken als er geen publiek voor komt. Veel plezier beleefden we hier aan de creatie van De karavaan, waarin scherpzinnige en vitale jonge schrijvers enkele bijbelverhalen naar hun hand zetten. Fascinerend project! Maar toch weinig media-aandacht en daarmee teruglopende verkoopkansen. En dan twee nieuwe Nederlandse romans die wel gesignaleerd werden en een beetje verkochten, maar nog veel meer lezers verdienen. Echte televisie van Jeroen van Baaren is een uitstekend, strak geschreven roman waarin het morele faillissement van reality-tv via een spannend satirisch verhaal aan de orde wordt gesteld. Waarom zo mondjesmaat gerecenseerd en door boekwinkels zo matig ingekocht? Zijn er te veel nieuwe boeken verschenen om kans te maken op behandeling in die allengs krachtiger krimpende boekenkaternen? Hebben de boekwinkels hun inkoopbudget voor Nederlandse literatuur beperkt? Ik vraag het maar.
Soms krijgen romans wél overal en snel recensies, zoals de nieuwe roman Vast van Ton Anbeek, maar hapert er iets in de ‘receptie’, zoals dat zo mooi (nee, lelijk) heet. Wij vinden Vast een zeer onderhoudende, spannende, vaardig geschreven roman over de lotsbestemming van hedendaagse jonge gevangenen. Toen het ons werd aanbevolen, en we het manuscript lazen, viel ons vooral op hoe raak Anbeek de straattaal weet te treffen van jongens in die jeugdgevangenis. Volkomen geloofwaardig kwam het op ons over. Groot dan ook onze verbazing toen NRC laatst kritisch berichtte over enerzijds de gebezigde straattaal, en anderzijds de door diezelfde jongeren zogenaamd gebruikte ‘literaire volzinnen’. Dat zijn momenten dat het even tegenzit en je als uitgever weer weet dat je weinig cadeau krijgt, maar geduld dan weer een schone zaak is, en ook dat gerechtigheid weliswaar de neiging heeft zich een tijdje te verschuilen, maar uiteindelijk altijd zijn hoofd om de hoek komt steken.