Podium


Column Joost Nijsen


Made in China


Joost Nijsen 20-05-2011

Steeds als je de hoop verliest dat boeken nog op aandacht mogen rekenen in de media, blijken alle camera’s en microfoons zich wel degelijk hevig aangetrokken te voelen tot kwesties rond schrijvers. Jammer is dan wel weer dat het met weinig zorgvuldigheid gebeurt. Zoals een DSK via de media al berecht is voor enig bewijs geleverd is, zo springen media ook in literaire kwesties als wilde kikkers uit het kroos. Het rumoer rond de gekuiste Chinese vertaling van Komt een vrouw bij de dokter (KEVBDD) is er een mooi voorbeeld van. De berichtgeving bleef beperkt tot uitroepen over een roman waaruit alle seksuele passages kennelijk zo maar verwijderd waren. Lekker juicy, ik begrijp het. Maar je verwacht toch van al die kwaliteitsmedia dat hun redacties zich er eerst even in verdiepen. Dan hadden ze onder meer ontdekt, dat in China niet elk boek gekuist wordt; zo schijnt het beleid er van uitgever tot uitgever te verschillen. Menig pikante roman, vooral ook van eigen Chinese makelij, bereikt er de boekwinkels.
Wat KEVBDD betreft zit het zo.
Al in december publiceerde een wakkere sinoloog in het magazine van Amnesty International een artikel over de bewerkingen en coupures in de Chinese editie van deze roman. Wij hadden al zo’n jaar eerder de Chinese editie ontvangen en het exotische exemplaar trots in ons kantoor tentoongesteld.  Kluun’s debuut bleek de Chinese lezers gaandeweg ook nog eens met tienduizenden exemplaren te bereiken. Omdat we niet, om het eens zo te zeggen, met stokjes kunnen lezen, waren ons de tekstwijzigingen ontgaan. Want behalve als er subsidies worden verleend aan buitenlandse uitgevers, en door het Nederlands Letterenfonds inhoudelijk getoetst wordt, moet je er als uitgever bij een internationale bestseller als deze roman, vertrouwen in hebben dat in al die bijna dertig talen waarin dit boek verscheen, zorgvuldig en integer vertaald werd. Je gaat daarbij ook af op de goede naam en faam van de buitenlandse uitgeverij in kwestie.
In dit geval waren we te goedgelovig geweest.
Dit bekend hebbende, dient zich de vraag aan welk scenario we met de kennis van nu hadden kunnen volgen. We hadden, via de tussenpersonen die hier speelden (zowel een literair agent als een sub-agent voor China), kunnen beklemtonen dat we de vertaling hadden willen checken, tijdig voor productie van de Chinese editie. Vervolgens hadden we een deskundige kunnen zoeken om de vertaling te beoordelen. Dan zou aan het licht zijn gekomen dat die vertaling een preutse versie is van het origineel. Vervolgens hadden we, met alle taalbarrières van dien, en met alle culturele  verschillen, in discussie kunnen gaan met de Chinese uitgeverij.
In een volgend geval zullen we dat ook zo proberen.
De vraag is wel hoe ver je moet gaan. Stel in hun vertaling staat ‘Hij werd opgewonden’, terwijl Kluun geschreven zou hebben: ‘Hij werd bloedgeil’.  Moet je daar een principe-zaak van maken? Kunnen wij voldoende beoordelen waar de grenzen liggen in een andere cultuur? Moet je misschien niet verheugd zijn dat zo’n bij uitstek westerse, zo niet Nederlandse roman, daar dan toch maar in die Aziatische cultuur doordringt? Ik vraag het maar.
Dat je daarmee nog niet alle teugels moet laten vieren, spreekt vanzelf. Ik zie dan ook uit naar de gesprekken die eind augustus op de boekenbeurs in Beijing hierover met Chinese vakgenoten gevoerd kunnen worden. Move the product is één, maar move the mind is uit oogpunt van culturele uitwisseling minstens zo opwindend.
Komend najaar zullen we u omtrent de spannende vertelling Komt een man bij de Chinees (KEMBDC) nader berichten.