Podium


Column Joost Nijsen


Spoetnik


Joost Nijsen 08-03-2010

Mooi boekwerk maakte de CPNB met brieven van 75 auteurs aan hun jonge Ik, ‘Titaantjes waren we’. Omdat Podium zoveel jonge (en jong gebleven) schrijvers uitgeeft, tref je er nogal wat van onze auteurs in aan met soms ontroerende opstellen, van Ronald Giphart maar ook Elvis Peeters, Ingmar Heytze, Aaf Brandt Corstius en Joris Luyendijk. Bien étonnés de se trouver ensemble, want de verschillen in stijl en thematiek zijn groot, maar er is altijd die klare, gevoelige, vaak humoristische en onbeschroomde toon die velen uit ons fonds kenmerkt.
Nog niet opgenomen in deze eregalerij van Titaantjes is onze nieuwkomer Tonie Mudde. Werd hem onlangs al een ‘Tegel’ toegekend, voor journalistiek talent van het jaar, nu is er dan zijn literaire debuut, de compacte roman Spaghetti Spoetnik. Het opwindende van dit vak is dat je tevoren nooit weet wat er met een schrijver gebeurt. Waar u nu nog denkt: ‘Wie? Tonie Mudde? Grappige naam wel,’ zal hij straks misschien bij de aansprekende auteurs van deze generatie blijken te behoren.
Ik herinner me nog scherp dat Sonja Barend me begin jaren negentig bij Nijgh & Van Ditmar belde over het romandebuut Blauwe maandagen. ‘Hallo Joost, met Sonja. We denken erover om, hoe heet-ie, Arnon Grunberg uit te nodigen, kun je me daar wat meer over vertellen?’ The rest is history. Aan de andere kant van het spectrum zag ik auteurs veelbelovend opkomen om ze na enkele jaren te zien switchen naar de wetenschap, of de boekhandel, of de marketingafdeling van een Hilton in Singapore.
Een verschil met de jaren waarin nu gevestigde Titaantjes opkwamen, is dat een béétje debutant tegenwoordig in samenspraak met zijn uitgever plannen bedenkt voor een originele lancering. Tonie nam dat woord lancering heel letterlijk: hij is de eerste Nederlandse, misschien zelfs wel de internationaal eerste schrijver die straks ook buiten de dampkring te lezen is. De eerste bladzijde van Spaghetti Spoetnik zal, op hittebestendig plastic, vastgelijmd worden in een kleine satelliet van het Delftse ISIS en vele eenzame rondjes draaien in de ruimte, op zoek naar buitenaardse lezers…
Dit is niet alleen een geweldige vondst, vinden wij als zijn trotse uitgever, maar ook een onaardse gebeurtenis die met de roman zelf samenhangt: hoofdpersoon van Muddes debuut is een jonge promovendus Sterrenkunde, gewend verder te kijken dan Planeet Aarde. Tegelijkertijd is zijn mooie vriendin Silke onbereikbaarder dan de sterren aan de hemel, omdat ze alleen met hem wil logeren en niets meer. Nescio zou ervan opgekeken hebben, een stuk literatuur de ruimte ingeschoten. Maar een Titaantje zou hij in deze debutant direct herkend hebben.
Ik wens Tonie en onze andere Titaantjes toe dat velen zich de komende weken voor hun werken naar de boekhandel zullen spoeden. Je krijgt er Zwagermans zeer onderhoudende nieuwe novelle zo maar bij cadeau, in elke goede boekhandel binnen de dampkring.